‘Bedrijven zien het als een maatschappelijke opgave om iets met bereikbaarheid te doen’

Beter Benutten is inmiddels afgerond, maar ik kijk er met veel plezier op terug. De kern van Beter Benutten Zuidas is het samen werken van werkgevers en overheden aan een betere bereikbaarheid. In de Zuidas werkt een groot aantal partijen hierin samen: via Hello Zuidas, de Green Business Club Zuidas en de Taskforce Bereikbaarheid Zuidas hebben we samengewerkt met veel grote bedrijven.

Wat bijzonder is, is dat de Taskforce Bereikbaarheid is ontstaan uit een conflictsituatie. Dat was een tijd geleden toen een kavel werd uitgegeven waar nu het beroemde duurzame gebouw “The Edge” op staat. Een aantal organisaties had daar bedenkingen bij: het was al druk bij de Zuidas en een dergelijk gebouw zou alleen maar meer verkeer aantrekken. Want een van de belangrijkste troeven  van Zuidas is de goede ligging en daarmee bereikbaarheid, maar als je veel gaat bouwen wordt het steeds slechter bereikbaar. De gemeente was het daar niet mee eens. In de beginjaren was de Taskforce dus een gespannen overleg, maar dankzij Beter Benutten werd het mogelijk om het gesprek om te buigen in een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid en eigenaarschap voor bereikbaarheid.  Andere grote instellingen en organisaties zoals als de VU, VUmc, ABN Amro en RAI Amsterdam sloten aan en namen ook verantwoordelijkheid voor het op peil houden van de bereikbaarheid (en duurzaamheid).

Werkgeversaanpak

Zulke interactie tussen werkgevers en overheden is de ruggengraat: overleggen met verschillende partijen op verschillende manieren en niveaus. Zo wisselen we kennis uit en kunnen we van elkaar leren. Het was ook de basis om ideeën en projecten te verzamelen en samen te werken. We hebben gekozen om onze acties vaak klein te houden, waardoor het voor bedrijven makkelijk was om mee te doen. Met een aantal partijen hebben we een deelfietsenplan bedacht en uitgevoerd. We wilden eerst de eigen fietsvoorzieningen van bedrijven inzetten, maar heel weinig bedrijven hadden een goede fietsvloot. Sommige bedrijven hadden maar 3 fietsen voor 1000 medewerkers. Dat vonden wij wel schokkend. We hebben daarnaast onderzocht of het mogelijk was om een Zuidas-pas te testen, om daar alle mobiliteitsopties in op te nemen – ook taxi’s. Dat is de basis geweest voor Mobility as a Service (MaaS), waar we nu mee verdergaan.

Mijlpalen

De samenwerking met verschillende werkgevers leidde ook tot belangrijke mijlpalen. Zoals het convenant Bereikbaarheid dat we met elkaar hebben getekend. Dat was gericht op behoud en optimalisatie van de bereikbaarheid van de Zuidas. Er bestond al een convenant, maar dat was vooral gericht op de overheid. We hebben dat verbreed en zagen daarin ook een rol om mobiliteit aan te pakken. Om mensen anders te laten rijden, de spits aan te pakken, vaker te laten kiezen voor schoner vervoer. Vorig jaar tekenden werkgevers een intentieverklaring om mee te doen met MaaS, dat was ook een bijzonder moment. Via mobiliteitsbudgetten laten werkgevers dan hun werknemers zelf beslissen hoe zij naar hun werk willen gaan. Er wordt nu hard gewerkt aan de aanbesteding daarvan, in nauwe samenwerking met het Ministerie en Rijkswaterstaat. Het is heel mooi om te zien dat werkgevers zo bereid zijn hun beleid aan te passen.

Geleerde lessen

Uiteraard loopt niet alles altijd op rolletjes en zijn er naast mijlpalen ook lessen die wij hebben geleerd. Zo organiseerden we een aantal mobiliteitsmarkten om mensen te informeren en ze onder andere kennis te laten maken met e-bikes. Zulke markten zorgen ervoor dat je zichtbaar bent, maar hebben weinig meetbaar effect. Wat wél heel goed werkt, is een kleinschalige pilot met probeeraanbod op maat. Daarnaast zijn de netwerken van Hello Zuidas en de Green Business Club sterk en duurzaam. Zo hebben we in veel organisaties directe contactpersonen op allerlei niveaus en functies. Via communicatiemedewerkers en via onze eigen nieuwsbrief konden we eindgebruikers direct aanspreken. Zo bereik je gemotiveerde, enthousiaste mensen die ambassadeurs worden binnen hun eigen organisaties. Dat is wel een les: soms is klein beter dan groot.

Daarnaast wilden we met overheden en organisaties samenwerken aan een bereikbaarheidsplan. Wij verwachtten grote initiatieven of voorstellen. Maar het is ingewikkeld om met zo’n grote diversiteit aan organisaties gemene delers te vinden: VUMC en RAI zijn heel ander type organisaties. Wij hebben geleerd dat organisaties zelf aan de slag gaan met wat het beste bij hen past. Het is belangrijk om daarbij aan te sluiten en duidelijke afspraken te maken over rollen en taken.

Een nieuwe manier van denken over mobiliteit

Bij veel organisaties is een verschuiving te zien, mensen zijn overgestapt van de auto op fiets en ov. In het begin was mobiliteit een arbeidsvoorwaarde, iets tussen werkgever en werknemer. Dat is veranderd. Bedrijven zien het nu meer als een maatschappelijke opgave om iets met bereikbaarheid te doen, om te verduurzamen en minder CO2 te produceren, om vitaler te zijn. Er is een sterkere drive gekomen, al weet men daar nog niet altijd goed handen en voeten aan te geven. Een aantal organisaties realiseert zich nu ook dat veel werknemers een soberder en groener mobiliteitsbeleid wel op prijs stellen, ze hechten waarde aan een groene werkgever.

Slim en Duurzaam

Op de Zuidas slaan we ook meer die richting in met ons vervolg op Beter Benutten Metropoolregio Amsterdam. We werken nu al een tijdje aan het programma Slimme & Duurzame Mobiliteit. Beter Benutten ging vooral over spitsmijden en alternatieven voor de auto. Slim en Duurzaam gaat meer over de transitie naar een nieuw mobiliteitssysteem, waar luchtkwaliteit, duurzaamheid, maar ook transport, logistiek en innovatie een belangrijke rol in spelen. Daarbij is MaaS ons belangrijkste innovatieproject. Maar we doen ook onderzoek naar logistieke vraagstukken, kijken naar samenwerkingen met RAI Amsterdam en het MKB en hebben een fietsstimuleringscampagne in de planning staan.

De fietsinfrastructuur verbeteren

We kijken ook heel praktisch naar bewegwijzering. Veel mensen komen vanuit het centrum - het noorden - naar de Zuidas. De fietsenstallingen aan die kant zijn altijd overvol, terwijl de zuidkant leegstaat. Dat is een bewegwijzeringsprobleem. Voor de private stallingen onderzoeken we nu of er geen slimme manier is om mensen te geleiden naar de juiste stalling. Er wordt nog steeds veel gebouwd, waardoor mensen ook fietsend hinder zullen ondervinden, onder andere door omleidingen. Er wordt al veel gefietst en de fietsinfrastructuur zou op sommige punten verbeterd moeten worden. De kennis die we opdoen bij onze onderzoeken gebruiken we om de Zuidas ook op de fiets zo bereikbaar mogelijk te houden. 

Angela Nijland

28 juni 2018